Lengte
bis 2 cm

Voedsel

Aasgarnaal

Schwebegarnelen haben einen schlanken, durchsichtigen Körper mit einem Knick im Rücken, der sie befähigt, sich bei Gefahr zusammenzukrümmen und zur Seite zu springen. Die Beine sehen federartig aus und ihre Schwimmbewegungen sorgen dafür, dass sie im Wasser schweben.  Die Augen sitzen auf beweglichen Stielen. Die Weibchen tragen an der Bauchseite einen Brutbeutel. Schwebegarnelen dienen vielen Fischen und anderen Meeresbewohnern als Nahrung.

Lengte
Bis zu 9 cm

Voedsel

Dikkopje

Pomatoschistus minutus

De zeer slanke dikkopjes leven dicht bij de kust op ondiepe zand- en kleibodems. Kenmerkend zijn de dwarse streepjes op de zijkanten.

Aanvankelijk leven de larven in open zee tussen het wateroppervlak en de zeebodem, maar vanaf een grootte van iets minder dan 20 mm gaan de jonge dieren over op een leven op de bodem. Dikkopjes kunnen tot 2 jaar oud worden.

Voedsel

Linkse heremietkreeft

Diogenidae

De linkse heremietkreeft is een ‘linkshandige’ heremietkreeft die sinds 2008 via balastwater bij ons terecht is gekomen.

Hij is veel kleiner dan de gewone heremietkreeft en leeft in de lege schelpen van alikruiken. Zijn linkerschaar is meestal groter en hij kan daarmee de opening van de alikruik mee sluiten.

Lengte
10 – 19 cm

Voedsel

Noordse kamster

Astropecten irregularis

De Noordse kamster is een zeester uit de familie van de Astropectenidae.

Hij leeft op de zeebodem en kan vanaf een diepte van ongeveer tien meter worden gevonden. De kamster wordt beschouwd als een van de snelste zeesterren en kan in een paar minuten een afstand van een meter afleggen. Terwijl hij zich overdag meestal beschermend in het zand ingraaft, concentreert hij zich ’s avonds en ’s nachts op het vangen van zijn prooi.

Lengte
Bis zu 9.5 cm

Voedsel

Noordzeegarnalen

Crangon crangon

De Noordzeegarnaal behoort tot de familie Crangonidae uit de orde der tienpotigen.

Garnalen groeien in de zomer op in de Waddenzee en trekken dan naar diepere wateren. Ze hebben een langwerpig grijsbruin lichaam met voelsprieten, steelogen, een schaar en vijf paar loop- en vijf paar zwempoten. Vanaf de leeftijd van één jaar beginnen Noordzeegarnalen zich voort te planten.

Lengte
bis zu 55 cm

Voedsel

Schol

Pleuronectes platessa

Elk jaar groeien er talloze baby-scholletjes in de Waddenzee, die later worden meegenomen naar de Noordzee.

Schol ondergaat tijdens zijn ontwikkeling een metamorfose. In het begin zwemmen ze rechtop en zijn ze symmetrisch zoals andere vissen. Na 1 à 2 maanden verschuiven het linkeroog en de mond naar de rechterhelft van het lichaam, waarna de zwemblaas zich terugtrekt – en de schol steeds schuiner zwemt tot hij uiteindelijk een bodembewonende platvis wordt. Om zich tegen roofdieren te beschermen, begraven ze zich in de zandbodem, waar ze ook op hun prooi kunnen gaan liggen wachten. Kenmerkend is de gecamoufleerde bovenzijde met oranjegele stippen.

Lengte
bis zu 12 cm

Voedsel

Strandgaper

Mya arenaria

De strandgaper is de grootste mosselsoort in de Waddenzee en graaft zich in om zich te beschermen tegen roofdieren.

De mossel, die tot 12 cm groot kan worden, dankt zijn naam aan zijn gapende schelp. Op een bepaalde leeftijd passen het lichaam en de bijbehorende sifo (buisvormig orgaan voor in- en uitstroming) niet meer volledig in de mosselschelp, zodat deze uit gaat gapen. Deze soorten graven zich tot 30 cm diep in het wad in met een gespierde steel, waardoor ze zich doeltreffend beschermen tegen roofdieren zoals vogels en kreeften. Er wordt aangenomen dat de mossel, die eigenlijk afkomstig is van de kust van Noord-Amerika, door de Vikingen naar de Noordzee is gebracht.

Heimat:
Waddenzee

Waddenzee

Lengte
bis zu 20 cm

Voedsel

Zeepier

Arenicola marina

Dat de Waddenzee in de Noordzee zo leefbaar is, is deels te danken aan de zee- of wadpier.

De bruine tot zwarte, vingerdikke worm leeft in 20 cm diepe kanaalvormige kokers die hij in een U-vorm in het wad graaft. Hij eet de wadbodem en verteert de organische resten die zich daarin bevinden. Met tussenpozen van ongeveer 45 minuten kruipt hij achteruit naar de oppervlakte en laat een spaghetti-achtig hoopje vallen dat tot vijf centimeter lang kan zijn. Door de voedingsactiviteit van de zeepieren wordt dus jaarlijks de bovenste 20 cm van het wad afgegraven, wordt voldoende zuurstofrijk water naar de bodem gepompt en worden de levensomstandigheden van andere wadbewoners aanzienlijk verbeterd.

Aasgarnaal
Aasgarnaal
Heimat
Details bekijken
Dikkopje
Dikkopje
Heimat
Pomatoschistus minutus
Details bekijken
Linkse heremietkreeft
Linkse heremietkreeft
Heimat
Diogenidae
Details bekijken
Noordse kamster
Noordse kamster
Heimat
Astropecten irregularis
Details bekijken
Noordzeegarnalen
Noordzeegarnalen
Heimat
Crangon crangon
Details bekijken
Schol
Schol
Heimat
Pleuronectes platessa
Details bekijken
Strandgaper
Strandgaper
Heimat
Mya arenaria
Details bekijken
Waddenzee
Waddenzee
Heimat
Details bekijken
Zeepier
Zeepier
Heimat
Arenicola marina
Details bekijken
Previous Next
Aquarium kiezen:
  • Ingang
  • Display 1
    • Top
    • Onder
  • Display 2
    • Bewohner 2
  • Display 3
    • Bewohner 3
  • Display 4
    • Bewohner 4
  • Display 5
    • Bewohner 5
  • Display 6
    • Bewohner oben
    • Bewohner unten
  • Display 7
    • Bewohner oben
    • Bewohner unten
  • Display 8
    • Bewohner oben
    • Bewohner unten
  • Display 9
    • Bewohner oben
    • Bewohner unten
  • Display 10
    • Bewohner oben
    • Bewohner unten
  • Display 11
    • Bewohner 11
  • Display 12
    • Bewohner 12
  • Alle